CRvB: Uwv moet arbeidsongeschiktheid opnieuw beoordelen

De Centrale Raad van Beroep heeft op 29 april 2026 een belangrijke tussenuitspraak (ECLI:NL:CRVB:2026:505) gedaan in een WIA‑zaak waarin mr. Thomas Vetter (Advokatenkollektief Oost) optrad voor appellante. De Raad oordeelt dat het Uwv de mate van arbeidsongeschiktheid onjuist heeft vastgesteld en moet het besluit herstellen.

Feiten van de zaak

Cliënte werkte als productiemedewerkster (ca. 34 uur per week) en meldde zich op 24 maart 2020 ziek wegens psychische en lichamelijke klachten. Na afloop van haar dienstverband ontving zij een Ziektewetuitkering en vroeg zij vervolgens een WIA‑uitkering aan.

In eerste instantie concludeerde het Uwv dat zij volledig arbeidsongeschikt was en kende haar een loongerelateerde WGA‑uitkering toe.

De ex‑werkgever maakte echter bezwaar. In bezwaar stelde het Uwv de beperkingen bij en werden alsnog functies passend geacht. Op basis daarvan werd de mate van arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 51,43%.

De rechtbank liet dit besluit in stand, ondanks bezwaren van cliënte dat haar beperkingen – met name haar energie‑ en psychische klachten – werden onderschat.

Oordeel van de Centrale Raad van Beroep

In hoger beroep gaf de Centrale Raad van Beroep cliënte wél gelijk. De Raad schakelde een onafhankelijke psychiater in, die concludeerde dat:

  • sprake is van een somatisch‑symptoomstoornis met pijnklachten;
  • cliënte ernstig beperkt functioneert in het dagelijks leven;
  • zij zowel op de beoordelingsdatum als nu niet in staat is om arbeid te verrichten.

De Raad volgt deze deskundige en oordeelt dat:

  • het medische oordeel van het Uwv onvoldoende is onderbouwd;
  • de belastbaarheid en inzetbaarheid van cliënte te rooskleurig zijn ingeschat;
  • het besluit daarom berust op een ondeugdelijke medische grondslag.

Gevolg: nieuw besluit vereist

De Centrale Raad van Beroep draagt het Uwv op om het gebrek te herstellen. Het Uwv:

  • moet aannemen dat sprake is van volledige arbeidsongeschiktheid);
  • moet van de rechter een beoordeling doen van de duurzaamheid van de volledige arbeidsongeschiktheid;

Het gaat om een tussenuitspraak, dus de procedure is nog niet definitief afgerond.

Betekenis van de uitspraak

Deze uitspraak onderstreept het grote belang van een onafhankelijke medische beoordeling in WIA‑zaken. De Raad bevestigt opnieuw dat wanneer een deskundige zorgvuldig en overtuigend motiveert, zijn oordeel leidend is.

Voor cliënten betekent dit dat het loont om medische onderbouwing kritisch te laten toetsen.

Rol van Advokatenkollektief Oost

Mr. Thomas Vetter stond cliënte bij in hoger beroep en wist met succes aan te tonen dat de medische beoordeling van het Uwv tekortschiet. De uitspraak laat zien dat gespecialiseerde rechtsbijstand doorslaggevend kan zijn in WIA-zaken.